Carolien Toxopeus

Carolien is  radioloog in het OLVG, met als aandachtsgebied neuroradiologie en hoofd-hals radiologie. Verder verdiept zij zich in deep learning en artificial intelligence en de rol daarvan in de toekomst van de zorg.

Beknopte biografie:

1984                Geboren in Veendam

2002-2010     Geneeskunde aan de Rijksuniversiteit Groningen

2007-2011      MD/PhD UMCG

2012 PhD       “The organization of initiation and inhibition of movement”.

2012-2017      AIOS Radiologie

2017                Fellow neuro-hoofd-halsradiologie, Erasmus MC

2017-heden   Radioloog, OLVG

 

Ik ontmoet Carolien in The Hoxton in Amsterdam waar ik deze inspirerende radioloog, op futuristische gouden hakken, interview.

 

 

Waarom ben je Geneeskunde gaan studeren?

Ik wist al heel lang dat ik Geneeskunde wilde studeren. Toen ik 10 jaar was, las ik in een geschiedenisboek een verhaal waarin een ‘chirurgijn’ in voorkwam. Dat klonk zó cool, dat ik besloot  dat te gaan doen. Ik ben in Groningen gaan studeren omdat daar veel mogelijkheden waren om buitenlandse stages te lopen. 

 

Wat vond je van de Geneeskunde opleiding?

Ik merkte dat ik de klinische kant van Geneeskunde mij minder aansprak dan ik van tevoren had verwacht. In het tweede jaar ben ik tijdens keuzeonderwijs terechtgekomen bij een projectgroep die onderzoek deed naar fMRI. Dit was zo complex en zo uitdagend, dat ik voor het eerst echt door iets gegrepen werd.

 

Ik heb mijn masteronderzoek voor mijn coschappen gedaan, omdat ik heel graag naar het buitenland wilde om verder te gaan met onderzoek binnen fMRI. Via de contacten van een van de neurologen in het UMCG kwam ik in Charleston, Amerika, terecht. Ik vond het onderzoek daar zo gaaf dat ik besloot bij terugkomst in Nederland een PhD te gaan doen. Ik ben een fast track PhD gestart, waarbij ik twee jaar coschappen combineerde met twee jaar onderzoek. Dat was voor mij een manier om de coschappen vol te houden omdat onderzoek veel beter bij mij paste.

 

Binnen het onderzoek had ik een hele duidelijke en zelfstandige rol. Ik kon mijn hart ophalen aan het technische aspect van het onderzoek met programmeren en biomedische signaalanalyses. Mijn coschappen vond ik daarentegen verwarrend. Je wisselt om de paar weken van afdeling waar je steeds weer helemaal opnieuw begint. Het was mij vaak onduidelijk wat mijn taken en verantwoordelijkheden waren omdat dit afhankelijk was van de verschillende supervisors. Het continue adapteren vergde veel energie. Het afdelingswerk, dat veel statusvoering en organisatie inhield, vond ik niet zo interessant. Patiëntencontact vind ik wel leuk, maar dan vooral de korte contacten.

 

Waarom heb je voor de radiologie gekozen?

Ik vind het leuk dat je de eerste bent die de scan kan openen en als een Sherlock Holmes opzoek mag gaan naar het probleem. Vervolgens moet je de bevindingen in een logisch verhaal presenteren, om de informatie zo goed mogelijk aan de clinicus over te dragen. 

 

“Ik vind het mooi dat een scan er bijna artistiek uit kan zien, vooral het brein! Van een bijnier wordt ik dan weer wat minder enthousiast.” 

 

Ook het technische aspect van het vak vind ik erg interessant en sloot goed aan bij mijn onderzoek.

 

Hoe heb je je promotie-traject ervaren?

Mijn begeleider was een jonge professor die wiskunde had gestudeerd en zich nu bezig hield met biosignaalanalyse bij de klinische neurofysiologie. Ik had mij geen betere begeleider kunnen wensen. Het scheelde dat ze niet klinisch werkte, want hierdoor was ze heel laagdrempelig beschikbaar voor overleg. Naast een betrokken begeleider was ze ook mijn rolmodel in balans tussen werk en privé. Ze werkt heel hard, maar kon ook een dag vrij nemen om te gaan schilderen. Ik ben erg gedreven, maar zij heeft me de waarde laten zien van nauwkeurig en precies te werk gaan.

 

Het technische aspect van mijn promotie en het leren programmeren helpt mij nog steeds in mijn huidige werk. Als we nu bijvoorbeeld een nieuw softwaresysteem krijgen, snap ik heel snel wat er allemaal mogelijk is en hoe ik een probleem kan oplossen.

 

Hoe kwam je in opleiding tot radioloog?

Groningen was ik ontgroeid en ik wilde graag naar Amsterdam verhuizen. Daarom heb ik vanuit een strategische keuze mijn oudste coschap bij de afdeling Radiologie in het AMC geregeld. Van daaruit werd ik aangenomen voor de opleiding tot radioloog in Amsterdam. Ik had toen nog geen klinische ervaring maar wel een dedicated radiologie profiel op het gebied van wetenschap.

 

Wat vond je van de opleiding radiologie?

Het begin was pittig. Ik was 27 jaar en ik begon voor het eerst op een nieuwe werkplek, zonder klinisch ervaring als basisarts, in een nieuwe stad, terwijl ik mijn PhD nog aan het afronden was. Ik was een heel nieuw leven aan het opbouwen.

Tijdens mijn opleiding heb ik er bewust voor gekozen om in veel verschillende ziekenhuizen te werken. Ik wilde niet dat het AMC mijn tweede thuis werd en ik geen idee had wat daarbuiten gebeurde. Zo heb ik gedurende mijn opleiding ook in het OLVG, AvL, VU en Erasmus MC gewerkt.

 

Na mijn opleiding heb ik een fellowship in het Erasmus MC gedaan. Ze hebben daar alles, van zeldzame neuro-oncologie tot grote trauma’s met hersenletsel. In mijn tijd bij het Erasmus MC heb ik ook deels in het perifere Havenziekenhuis gewerkt waar ik naar mijn gevoel écht radioloog ben geworden. In de academie had ik veel high expertise om me heen en kon ik altijd vragen of er iemand even meekeek. In het Havenziekenhuis zat ik voor het eerst alleen als ‘baas’ en dan komt er op een dag van alles voorbij. Dit heeft me goed voorbereid op mijn huidige functie.

 

Wat houdt je huidige functie in?

Ik werk sinds twee jaar als radioloog in het OLVG met als specialisaties neuroradiologie, hoofd-hals radiologie en mammaradiologie. Vroeger vond ik de mammaradiologie niet leuk omdat ik het patiëntencontact te zwaar vond. Bij de huidige functie was het inbegrepen en nu merk ik dat ik het juist een hele leuke toevoeging vind. Op de mammapoli merk ik dat ik écht impact heb en ondersteuning kan bieden aan de patiënten. Die korte momenten van medemenselijkheid en empathie betekenen veel voor patiënten en dat geeft mij meer voldoening in mijn werk. Daardoor merk ik dat ik ben gegroeid als dokter.

 

Hoe ziet je week eruit?

Ik doe het grootste deel van de week neurologie of hoofd-hals radiologie. Daarnaast heb ik één of twee dagdelen mammapoli en een dagdeel algemene radiologie, zoals een echo-ochtend. In de diensten doen we alle radiologie en ben ik in de breedte van het vak bezig. Ik wil ook graag een algemeen radioloog zijn, niet alleen neuroradioloog. Marcel Levi zei ooit: “Wees een superspecialist en geen subspecialist”. Ik volg diverse cursussen om mij in mijn vak te blijven ontwikkelen. Ook via sociale media blijf ik actief leren. Zo zit ik in een facebook groep met radiologen waar we met elkaar casuïstiek met beeldvorming delen en beoordelen. Zo krijg ik telkens een kleine prikkel om te blijven leren. De site auntminnie.com biedt ook veel interessante radiologische casuïstiek.

 

Hoe combineer je werk en privé?

Elke maandag heb ik een parttime dag. Dit was een voor mij een bewuste keuze. Ik werk meestal van 08.00 tot 18.30 uur, vaak zonder pauzes. Gedurende de dag moet ik continue scherp zijn voor het beoordelen van beeldvorming en dit maakt het intensief. Ik merk dat ik mijn werk leuker vind als ik het vier dagen per week doe. Daarnaast sport ik graag om mijn hoofd leeg te maken na een drukke werkdag. Verder ga ik graag uit eten en naar feestjes om te dansen!

 

Heb je wel eens een burnout gehad?

Nee, maar ik heb wel een periode gehad, in het vierde jaar van mijn specialisten opleiding, dat ik begon te twijfelen aan mijn keuze. De druk was hoog en ik was in één keer door geracet vanuit mijn Geneeskunde opleiding. Ik begon te twijfelen of ik dit allemaal wel wilde. Door het schrijven van columns voor IMAGO (een nascholingstijdschrift voor de Radiologie) heb ik een aantal van mijn twijfels op een rijtje kunnen zetten. Een voorbeeld hiervan is de hiërarchie die in veel ziekenhuizen heerst. Soms is hiërarchie nuttig, bijvoorbeeld bij een traumaopvang. Dan is een strakke leiding essentieel voor het stroomlijnen van de kritische situatie. Verder werkt hiërarchie in een ziekenhuis naar mijn idee meestal contraproductief en onderdrukt het de mogelijkheid om te leren. Zo heb ik een keer meegemaakt dat er een nieuwe stagiair op de voorste rij bij de overdracht ging zitten en je de schokgolf door de zaal vóelde gaan. Ze mocht daar niet zitten omdat de professor een keer een woede-uitbarsting had gehad toen iemand op die plek zat. Sindsdien durfde niemand meer vooraan te gaan zitten en bleven de mensen liever achterin de zaal staan. In welke eeuw leven we dan?

 

“Ik heb er heel bewust voor gekozen om in een ziekenhuis te gaan werken waar men low-key met elkaar omgaat.”

 

Wat zijn jouw ambities voor de toekomst?

Ik wil in ieder geval altijd bezig blijven met de vernieuwingen in het vak en de technologisch ontwikkelingen op de voet volgen. Daarnaast vind ik belangrijk om kennis over te dragen en mensen op te leiden. Voor de radiologie opleiding hebben ik al onderwijsprogramma’s ontwikkeld en meerdere cursussen gegeven.

 

Verder ben ik net als innovatie-arts aangesteld in het OLVG. We gaan met 5 artsen, onder leiding van een CMIO en een CNIO, in het OLVG digitale zorg helpen verbeteren en versnellen. Nu is veel technologie versnipperd over kleine projecten en speelt er soms “technology push” vanuit bedrijven. Ons doel is dit omdraaien naar “clinical pull”. Oftewel dat gene waar echt behoefte aan is proberen aan te pakken. De functie is nieuw en we mogen hem deels zelf in gaan vullen. Mijn aandachtsgebied zal “netwerkzorg” zijn. Het makkelijk, maar wel veilig, delen van patientengegevens is mijn opdracht. Dat is natuurlijk voor transmurale zorg en zorg overdracht een ontzettend belangrijke klus. Denk bijvoorbeeld de overdracht van beeldvorming van stroke patienten die voor endovasculaire behandeling van een algemeen naar een gespecialiseerd centrum worden gebracht. Dat we eindelijk eens van de fax en losse cd-tjes af komen. Ik kijk heel erg uit naar deze uitdaging!

 

Hoe zie jij de toekomst van de zorg?

Ik verwacht dat we steeds meer gaan doen met artificial intelligence en deep learning. Ik ben niet bang dat mijn werk als radioloog obsoleet wordt maar ik denk zeker dat het gaat veranderen. Nu wordt data-driven personalized healthcare nog tegen gehouden door gesloten datastromen ten gevolge van privacywetgeving. 

 

“Naar verwachting zal big data en machine learning de zorg in de toekomst ingrijpend veranderen. Er zal dan een scheiding komen tussen ‘medical technicians’ en dokters.”

 

De resultaten die computers gaan uitspuwen moeten wij als dokters kunnen uitleggen en vertalen naar de patiënt. Het is dus belangrijk om te snappen hoe logaritmes tot stand komen en hoe we de uitslagen moeten lezen. Daarom zou ik iedereen willen aanraden om zich te interesseren in de ontwikkeling van de technologie binnen de zorg, via congressen en dergelijke. 

 

Bij radiologie heb ik meegeholpen bij het beoordelen van scans als input voor een programma dat automatisch longnoduli in CT-scans opspoort. Als je aan zoiets meewerkt begrijp je veel beter hoe zo’n programma tot stand komt. Later in je carrière kan je dan ook een geïnformeerde keuze maken of je een dergelijk programma zou willen aanschaffen of niet. Als je geen deskundige bent op dat gebied, moeten anderen die keuzes voor jou maken en wordt het je gewoon opgelegd. Dat zie je terug in de relatieve werkbaarheid van systemen zoals HIX en Epic dat grotendeels gebaseerd is op het gemakkelijk uitrollen van de DBC’s en andere financiële administratie. Het is niet geschreven voor het gemak van dokters en verpleegkundigen.

 

Heb je nog een leestip?

Bovenaan mijn eigen lijstje staat het boek ‘Deep Medicine’ van Eric Topol, omdat het boek het gebruik van artificial intelligence en deep learning in de zorg verbindt aan een “humanisering” van de gezondheidszorg. Dat vind ik zelf ontzettend belangrijk; de techniek zo voor ons laten werken dat we ons kunnen richten op de patiëntenzorg. Potentieel verlicht het gebruik van slimme algoritmes de administratiedruk en kan het ons helpen tijd te winnen voor het menselijke aspect dat we misschien een teveel uit het oog zijn verloren in de zorg.

 

Heb je een tip voor jonge dokters?

Ook als je een duidelijk doel voor ogen hebt is het nuttig om je breed te ontwikkelen. Zorg dat je jezelf de kans geeft open te staan voor zaken die op je pad komen en die je onverwachts kunnen grijpen. 

 

Blijf ook op de hoogte van nieuwe ontwikkelingen en bedenk hoe je een rol kan spelen bij innovaties. Als je nu aanhaakt bij vernieuwingen, heb je daar later profijt van. 

 

Reactie schrijven

Commentaren: 1
  • #1

    Leendert (woensdag, 17 juli 2019 10:42)

    Logaritme?